Voorstel blijft op tafel
Op 7 juli 2026 verwierp de Eerste Kamer de motie-Schalk c.s. over het intrekken van de Wet werkelijk rendement box 3. De motie stelde dat de Kamer geen bezwaar zou hebben tegen intrekking van het voorstel.
De verwerping betekent dat een meerderheid het bestaande wetstraject niet direct wil beรซindigen. Dat is politiek relevant, omdat een volledige herstart invoering per 2028 waarschijnlijk zeer moeilijk zou maken.
Nog geen definitieve goedkeuring
De stemming over de motie was niet hetzelfde als de eindstemming over de wet. Die bleef uitgesteld in afwachting van aangekondigde wijzigingen en verdere behandeling.
Het wetsvoorstel is dus medio juli 2026 nog niet definitief aangenomen door de Eerste Kamer. De precieze vorm van aanvullende wetgeving is bepalend voor het vervolg.
Wat betekent dit voor 2027 en 2028?
Voor 2027 blijven de tijdelijke forfaitaire regels en de tegenbewijsregeling van belang. De nieuwe systematiek geldt pas wanneer het wetsvoorstel en eventuele novelles zijn aangenomen en in werking treden.
De politieke richting is wel zichtbaar: belastingheffing op werkelijk rendement blijft het uitgangspunt. De discussie gaat vooral over de manier waarop jaarlijkse waardeveranderingen, verliezen en liquiditeitsproblemen worden behandeld.
Reacties
Deel uw kijk op het artikel. Houd het inhoudelijk, respectvol en vrij van persoonsgegevens. Lees meer over privacy en moderatie.
Er zijn nog geen reacties. Wees de eerste die inhoudelijk reageert.